Met schakelaar en dimmer op weg naar een professionele aanspreekcultuur (2)

De taak van de leiding is ervoor te zorgen, dat de professionals de dimmer van het zich laten aanspreken geleidelijk opendraaien. Maar hoe doe je dat?
Dit is deel twee van mijn visie op wat "de professionele aanspreekcultuur" wordt genoemd. In deel een heb ik mijn mening gegeven over aanspreken en zich laten aanspreken. Mensen aanspreken op hun gedrag is een kwestie van durven. Je laten aanspreken ook. In het eerste geval is er sprake van een aan-uit schakelaar; je durft iemand aan te spreken of je durft het niet. in het tweede geval ligt het iets anders. Ik zou het vermogen zich te laten aanspreken eerder als een dimmer zien dan als een schakelaar.
De taak van de leiding is ervoor te zorgen, dat de professionals de dimmer van het zich laten aanspreken geleidelijk opendraaien. Maar hoe doe je dat?
Drie stadia
Mijn stelling is dat er drie stadia zijn in de ontwikkeling van een professional.

Deze drie stadia zijn kort samen te vatten als:
1. Ik stond erbij en ik keek ernaar
2. Kijk naar je eige
3. Laat naar je kijken

Pas als je ver in het derde stadium zit, ben je ontvankelijk voor commentaar op je professionele functioneren.

Stadium 1: Ik stond erbij en ik keek ernaar
Het eerste stadium is dat van de docent die de leerling en diens prestaties gadeslaat en zijn waarnemingen bekroont met een oordeel. Hij vindt dit een proces dat uiterst nauwgezet moet verlopen. Er kan niet genoeg materiaal worden verzameld. Het aantal cijfers achter de komma is van groot belang en uiteraard is er een grote wetenschappelijke twijfel aanwezig in de vorm van een lange min achter de zes. Docenten in dit stadium vinden dit dè manier om de leerling zo goed mogelijk recht te doen.
Ik betrap mezelf nu op een badinerende toon, maar dit is heel erg lang een beproefde methode geweest en de essentie ervan, het willen geven van een eerlijk en beargumenteerd oordeel, moet zeker in ere gehouden worden.

Stadium 2: Kijk naar je eigen
Het volgende stadium is dat van de zelfreflectie. "Zijn de resultaten van de leerlingen te verklaren uit de manier waarop ik met het onderwijs omga? Kan dat niet anders? Zal ik het eens zo proberen? Wat gebeurde er achtereenvolgens in de les, waardoor ik er na afloop geen goed gevoel aan overhield? Welke rol speelde ik daarbij?"
Het vertrouwen op het zorgvuldig volgen en verfijnen van een beproefde methode heeft plaatsgemaakt voor het besef dat het effectiever kan zijn het eigen gedrag te veranderen dan de methode te verfijnen.

Stadium 3: Laat naar je kijken
Het laatste stadium breekt aan als het inzicht komt dat het aanpassen van het eigen pedagogisch/didactisch gedrag weliswaar belangrijk is, maar dat het moeilijk is de aanpassing richting te geven zonder feedback van anderen. "Ik zal de leerlingen maar eens vragen wat ze van mijn nieuwe aanpak vinden. Weet je wat, ik laat ze een enquête invullen." "We zouden eigenlijk eens wat vaker bij elkaar in de les moeten kijken." "Ik zou wel eens willen weten wat de leiding van mijn nieuwe aanpak vindt."

Als je iemand wilt overhalen om met een ander van gedachten te wisselen over zijn twijfels, heb je waarschijnlijk meer kans bij een docent die al enige tijd in stadium twee verkeert, dan bij iemand in stadium een. Of iemand in stadium twee al rijp is voor de "professsionele aanspreekcultuur", betwijfel ik. Pas in stadium drie is iemand zo ver, dat hij er niet van schrikt als hij op zijn manier van werken aangesproken wordt; wie in stadium drie zit vraagt zelf om feedback. Meestal in de eerste plaats van collega's.
Pas als je al enigszins gevorderd bent in stadium drie, ben je toe aan feedback van de leiding.

Aan de andere kant beginnen
Wat betekent dit nu voor het bevorderen van de "professionele aanspreekcultuur" ? Om te beginnen zou ik het woord nooit meer in de mond nemen. Het schrikt alleen maar af. Ik krijg er in ieder geval de kriebels van.
In de tweede plaats zou ik aan de andere kant beginnen. Niet aan de kant van "als je een beetje professional bent, moet je je toch laten aanspreken", maar aan die van "wat fijn dat je je wilt ontwikkelen in je vak; daar helpen we je graag bij". Ik zou mijn energie erop richten mensen in een hoger stadium te krijgen. Van een naar twee naar drie. Zorgen dat ze hun dimmer langzaam opendraaien, dus. En vreemd genoeg zou ik ook nog allereerst aan de slag gaan met de mensen die al in stadium drie zitten. Alweer: aan de andere kant beginnen.

In de volgende (en laatste) aflevering ga ik hier nader op in.

blog comments powered by Disqus